Vietnam versnelt de structurele vernieuwing van zijn kenniseconomie. Na 18 maanden uitvoering van resolutie 57-NQ/TW hebben provincies en steden hun prioriteiten in wetenschap, technologie en digitale transformatie scherp afgebakend. Volgens de stuurgroep van de regering kiezen regio’s in grote lijnen voor twee sporen: een hightechpad met nieuwe technologieën en innovatieve ecosystemen, en een pad dat voortbouwt op sterke punten in landbouw, bosbouw en bio-economie.
Twee hoofdkoersen, uiteenlopende accenten
De inventarisatie laat zien dat 14 regio’s expliciet inzetten op hightechdomeinen, terwijl 19 regio’s hun strategie baseren op agrarische ketens, verwerkingscapaciteit en biotechnologie. Daarmee wordt versnippering tegengegaan en sluiten keuzes nauwer aan op lokale sterktes en bestaande infrastructuur.
- Groep 1: nieuwe technologieën, hoogtechnologische bedrijven en hightechindustrieën.
- Groep 2: landbouw, bosbouw, verwaarding van biomassa en maritieme economie binnen een bio-economie.
Profielen van de hightechregio’s
Binnen de hightechgroep komen enkele zwaartepunten duidelijk naar voren. De hoofdstad richt zich op fundamenten; industriële hubs op schaal en toelevering; kuststeden op digitalisering en logistiek. Een aantal voorbeelden:
| Regio/stad | Focussen |
|---|---|
| Hanoi | Uitbouw van wetenschappelijke infrastructuur en een innovatief ecosysteem |
| Ho Chi Minh-stad | Ontwikkeling van grootschalige technologische producten en strategische technologieën |
| Da Nang | Prioriteit voor kunstmatige intelligentie (AI) en halfgeleiders |
| Hai Phong | AI, robotica, nieuwe materialen en logistiek |
| Bac Ninh | Elektronica, componenten en hightechapparatuur |
| Hue | Biotechnologie, geavanceerde medische technologie, gekoppeld aan halfgeleider- en kwantumonderzoek |
De stuurgroep benadrukt dat enkele regio’s hun comparatieve voordelen doelgericht inzetten. Zo benut Bac Ninh zijn bestaande ecosysteem in de elektronica- en aanpalende industrieën. Met een netwerk van grootschalige industrieparken trekt de provincie miljarden dollars aan buitenlandse investeringen aan, wat een basis legt voor verbreding naar aanverwante hightechactiviteiten.
Landbouw en bio-economie als tweede motor
De overige 19 regio’s kiezen voor waardegedreven groei in de primaire sector, met nadruk op productiviteit, verwaarding en herkomstcontrole. Volgens verschillende provincies kan de combinatie van hoogtechnologische landbouw, teelt van medicinale planten, toepassing van biotechnologie, traceerbaarheid en moderne verwerking de toegevoegde waarde van streekproducten verhogen. Ook de maritieme economie wordt gezien als een aanjager van regionale ketens in visserij en aquacultuur.
Deze aanpak past in een breder streven om lokale specialisatie te koppelen aan innovatie. In plaats van gelijktijdig in te zetten op uiteenlopende niches, kiezen provincies voor schaalbare modellen die aansluiten bij bestaande waardeketens of infrastructuur. De evaluatie spreekt van “praktische en waardevolle modellen” die voortbouwen op aanwezige sterktes, met minder risico op versplinterde projecten.
Digitale transformatie als dwarsdoorsnede
Opvallend is de rol van digitale transformatie als verbindende factor. In zowel hightech- als agroclusters komt digitalisering terug in onder meer datagedreven teelt, kwaliteitsborging via traceerbaarheid, en industriële automatisering. Steden als Hanoi en Ho Chi Minh-stad koppelen ecosysteemvorming aan kennisvalorisatie, terwijl kust- en industrieregio’s digitalisering integreren in logistiek en maakindustrie.
Beleidsimplicaties en volgende stappen
De uitkomst van deze landelijke inventarisatie is vooral richtinggevend: middelen kunnen gerichter worden toegewezen aan clusters met bewezen tractie. Voor de hightechpijler impliceert dit verdere investeringen in talent, R&D-infrastructuur en toeleverketens voor onder meer AI, halfgeleiders en robotica. Voor de agro-bio-economie ligt de nadruk op certificering, verwerkingscapaciteit, ketentransparantie en exportwaardering van regionale specialiteiten.
Het beleid zet daarmee in op twee complementaire groeipaden. Door lokale krachtvelden te versterken en ze te verbinden met innovatie en digitalisering, moet een breder, veerkrachtiger technologisch en economisch fundament ontstaan. De komende periode zal moeten uitwijzen in hoeverre deze focus leidt tot meetbare productiviteitswinsten, exportgroei en duurzame waardeketens.