De komende drie jaar wordt in de Zwinstreek een investeringsprogramma van 10 miljoen euro uitgerold om natuur, erfgoed en toerisme sterker met elkaar te verbinden. Onder de projectnaam ZwinQuest komen er nieuwe en verbeterde voorzieningen voor bezoekers en bewoners, met als doel de drukte van de kust beter te verdelen over het achterland. De gemeente Sluis is als enige Nederlandse partner onderdeel van het erkende landschapspark en staat nadrukkelijk op de kaart.
Van kustmagneet naar streekbeleving
Wie aan de Zwinstreek denkt, komt al snel uit bij het Zwin bij Cadzand en Knokke-Heist. Maar het gebied is veel groter en strekt zich uit over ruim 45.000 hectare en zes steden en gemeenten: Brugge, Damme, Knokke-Heist, Sint-Laureins, Maldegem en Sluis. Volgens de directie van het landschapspark ligt de kracht in de combinatie van natuur, landbouw, cultuurhistorie en recreatie. Die mix vormde mede de basis voor de erkenning als landschapspark door de Vlaamse overheid.
"Maak de geschiedenis zichtbaar op een aantrekkelijke manier."
— Marga Vermue, burgemeester van Sluis
De verbeteringen moeten bezoekers niet alleen informeren, maar ook sturen: van drukke hotspots aan zee naar rustiger plekken landinwaarts. Tegelijkertijd krijgen inwoners en ondernemers meer houvast om de verhalen van de streek — kreken, polders, dijken, kerktorens en het tastbare erfgoed — te vertellen.
Vier grote toegangspoorten en een netwerk van onthaalpunten
Het hart van ZwinQuest bestaat uit vier grote onthaalpoorten, waar bezoekers overzichtelijke informatie krijgen over routes, natuur en erfgoed. Daarnaast komen er kleinere onthaalpunten bij musea, historische locaties en ondernemers. In Sluis bestaat zo’n netwerk al langer; het plan is om dat over de grens verder uit te bouwen.
| Onthaalpoort | Functie |
|---|---|
| Het Zwin | Toegang tot grensoverschrijdend natuurgebied en vogelreservaat |
| Boerenkreek | Poort naar het krekenlandschap en agrarisch erfgoed |
| Waterdunen | Knooppunt voor kustnatuur en recreatie |
| Veerplein Breskens | Startpunt voor bezoekersstromen aan Zeeuwse zijde |
Naast de poorten worden bezoekerscentra, uitkijkpunten en toeristische routes vernieuwd. Musea in de gemeente Sluis, zoals het Belfort en het museum in Aardenburg, krijgen hiermee een duwtje in de rug om plannen uit te voeren of hun inrichting te actualiseren.
Wat verandert er voor Sluis en omgeving?
- Spreiding van bezoekers: de focus verschuift van drukke kustplekken naar het achterland, met nieuwe routes en betere bewegwijzering.
- Versterking van erfgoed: kerken, torens en historische locaties worden nadrukkelijker gepresenteerd in de gebiedsverhalen.
- Rol voor ondernemers: horeca, logies en recreatiebedrijven fungeren als lokale gidsen via kleine onthaalpunten.
De Zeeuws-Vlaamse burgemeester Marga Vermue onderstreept het belang van het zichtbaar maken van de streekgeschiedenis. Voor Sluis biedt het programma kansen om bestaande initiatieven te verbinden met nieuwe publieksvoorzieningen. Dat gaat van digitale en fysieke informatiepunten tot het verbeteren van uitzichtplekken en knooppunten in het routenetwerk.
Waarom deze impuls er nu komt
De Zwinstreek is officieel erkend als landschapspark aan Vlaamse zijde. Die status opent de deur naar extra middelen voor gebiedsontwikkeling, mits natuur, cultuurhistorie, landbouw en toerisme in samenhang worden versterkt. Met ZwinQuest wordt die aanpak concreet: de investeringen zijn bedoeld om de kwaliteit van het landschap te behouden, bezoekers te spreiden en economische dragers — zoals musea en recreatie — te verduurzamen.
Directeur Tom Vermeersch ziet de brede gebiedsbenadering als kern van de erkenning. In zijn woorden is het de combinatie van kwaliteiten die de Zwinstreek onderscheidt en die nu expliciet wordt benut. Daarmee ontstaat volgens de parkorganisatie rust en ruimte op kwetsbare plekken, terwijl minder bekende locaties juist meer aandacht krijgen.
Tijdpad en wat nog openstaat
De investeringen lopen over een periode van drie jaar. De precieze verdeling van het budget over poorten, routes en musea is nog niet publiekelijk uitgesplitst. Duidelijk is wel dat de samenwerking grensoverschrijdend is en dat bestaande lokale netwerken, zoals in Sluis, verder worden opgeschaald aan Vlaamse kant. Voor bewoners en ondernemers volgt nadere informatie zodra projecten per locatie worden uitgewerkt en aanbesteed.
Voor de inwoner van West-Zeeuws-Vlaanderen betekent dit op korte termijn vooral meer overzicht in het aanbod en betere spreiding van bezoekersstromen door de seizoenen heen. Voor ondernemers liggen er kansen om aan te haken bij de kleine onthaalpunten en mee te doen in het netwerk dat gasten wegwijs maakt in het gebied. De kern: een aantrekkelijker, leefbaarder en duurzamer Zwinstreek, met Sluis als zichtbare schakel.