Tiende telling, vaste prik in het Kuinderbos
In het Kuinderbos bij Bant is zondagmiddag de tiende editie van de grootschalige vlindertelling gehouden. Het bos, vaak omschreven als de grootste wilde vlindertuin van Nederland, werd door Staatsbosbeheer en de Vlinderstichting opgedeeld in 32 telvakken. In groepjes trokken enthousiaste deelnemers het gebied in om alle waargenomen vlinders systematisch te noteren. Rond de centrale tent meldden zich naar schatting honderd belangstellenden voor instructies en materiaal.
"We hebben voor de tiende keer de grote vlindertelling," zegt boswachter Harco Bergman van Staatsbosbeheer trots.
De jaarlijkse inventarisatie geeft beheerders en onderzoekers inzicht in welke soorten zich waar laten zien, en hoe populaties zich ontwikkelen door de seizoenen en jaren heen. Zulke gegevens zijn cruciaal om beheerkeuzes te onderbouwen en om te beoordelen of maatregelen in het veld effect hebben.
Beheer met zon en struiken
Boswachter Bergman benadrukt dat gericht natuurbeheer het Kuinderbos aantrekkelijk maakt voor dagvlinders. Door op strategische plekken meer licht op de bodem te laten vallen en door mantel- en zoomvegetaties te stimuleren, ontstaan voedselrijke en warme microhabitats die soorten nodig hebben voor nectar en voortplanting.
Zo zijn langs bepaalde bospaden bomen verwijderd en struiken aangeplant om bloeiranden te creëren. Zulke ingrepen sluiten aan bij de ecologische voorkeur van veel dagvlinders voor afwisseling tussen open, zonnige plekken en beschutte randen. Volgens Bergman vliegen er in Nederland nog ongeveer 75 verschillende dagvlindersoorten rond; in het Kuinderbos worden er momenteel een kleine 35 aangetroffen.
Zo is er geteld
Om resultaten onderling vergelijkbaar te houden, is het bos in vaste teltrajecten ingedeeld. Groepen liepen een vooraf uitgezet rondje en noteerden per vak de soorten en aantallen. De aanpak helpt om trends te signaleren en om verschillen binnen het gebied in kaart te brengen, bijvoorbeeld tussen open zandige stukken en dichtere bosranden.
- Vaste telvakken: 32 delen van het bos
- Deelnemers: circa 100 vrijwilligers en liefhebbers
- Materiaal: telformulieren, verrekijkers, fotocamera’s en (waar nodig) een stok voor het opschrikken uit het gras
Een van de deelnemers verwoordde de motivatie om mee te doen eenvoudig maar raak:
"We zijn gek op de natuur met z'n allen, dus wat kunnen we de kinderen meer meegeven dan: ga de natuur in en kijk."
Vlinderparadijs met zorg
De duiding van het Kuinderbos als vlinderparadijs komt niet uit de lucht vallen. Het mozaïek van open plekken, ruigtes en struikranden biedt in de zomermaanden veel nectar, terwijl er in het voorjaar en najaar luwte en waardplanten aanwezig zijn. Tegelijk staat het landelijke beeld van vlinders al jaren onder druk door verlies aan leefgebied. Tegen die achtergrond is het relevant dat in de Noordoostpolder een relatief groot aantal soorten behouden blijft en zichtbaar is.
De telgegevens uit het Kuinderbos worden doorgegeven binnen het netwerk van vrijwilligers en beheerders en dragen bij aan de kennisbasis over biodiversiteit in Flevoland. Ze zijn voor Staatsbosbeheer een referentiepunt om te beoordelen of ingrepen – zoals het openmaken van bosranden of het aanplanten van struiken – moeten worden voortgezet, opgeschaald of bijgestuurd.
Publieke betrokkenheid en educatie
De telling heeft ook een educatieve component. Door inwoners en bezoekers te betrekken bij het monitoren, groeit het begrip voor beheermaatregelen en ontstaat er een beter oog voor de veranderingen in het landschap. Zeker voor kinderen is meedoen een laagdrempelige manier om soorten te leren herkennen en zich bewust te worden van seizoenen en leefgebieden.
De samenwerking tussen Staatsbosbeheer en de Vlinderstichting maakt het mogelijk om waarnemingen in een grotere context te plaatsen. Vrijwilligers leveren de veldgegevens; specialisten zorgen voor verificatie en duiding. Zo ontstaat een cyclisch proces van meten, leren en bijsturen.
Feiten in één oogopslag
| Onderdeel | Kuinderbos 2026 |
|---|---|
| Editie vlindertelling | 10e |
| Aantal telvakken | 32 |
| Deelnemers | ca. 100 |
| Dagvlindersoorten NL | ongeveer 75 |
| Soorten in Kuinderbos | circa 35 |
De uitkomst van de telling – de precieze aantallen per soort – volgt na verwerking van de formulieren. De verwachting is dat de gegevens, in samenhang met eerdere edities, duidelijk maken waar het bos floreert en waar extra beheer kan helpen. Daarmee blijft het Kuinderbos een belangrijke graadmeter voor de staat van vlinders in de polder.