De iconische reddingboot Insulinde is dit jaar in Den Helder drooggezet en krijgt technisch onderhoud dat deels in Haarlem plaatsvindt. De twee Schotse Gleniffer-motoren uit 1949 zijn uit het schip gehaald en worden in Haarlem gereviseerd. Tegelijkertijd worden ze aangepast voor gebruik met HVO-biodiesel, zodat de historische boot duurzamer kan varen.
Aanpassing en doel van de revisie
Het Nationaal Reddingmuseum Dorus Rijkers, eigenaar van de Insulinde, wil met de revisie een flinke vermindering van de emissies bereiken en de boot gereed maken voor de viering van het honderdjarig bestaan in 2027. Volgens de projectomschrijving is de verwachting dat door de aanpassing voor HVO-biodiesel de CO2-uitstoot met naar schatting 90 procent kan afnemen.
"de CO2-uitstoot met naar schatting 90 procent verlagen"
Onderdelen en samenwerking
Aangezien de originele Gleniffer-motoren niet meer worden geproduceerd, komen onderdelen van een identieke motor beschikbaar gesteld door Scheepswerf SBG. Die motor komt uit een voormalig vrachtschip en maakt het mogelijk de revisie technisch uitvoerbaar te houden zonder te vervallen tot moderne vervangingen.
- Type motor: Schotse Gleniffer, bouwjaar 1949
- Locatie revisie: Haarlem
- Aanpassing brandstof: HVO-biodiesel
- Verwachte CO2-reductie: circa 90% (schatting)
- Financiering: meer dan €500.000 aan giften voor het project
Financiën en planning
Voor het restauratieproject is volgens de bekendmaking reeds ruim €500.000 aan giften binnengekomen. De restauratie moet de Insulinde in staat stellen actief te zijn tijdens de honderdjarigheidsviering in 2027. De boot zelf werd gebouwd in 1927 en geldt als de eerste zelfrichtende stalen motorreddingboot ter wereld, een status die het historische en culturele belang van de revisie onderstreept.
| Kenmerk | Details |
|---|---|
| Boot | Insulinde (gebouwd 1927) |
| Motoren | 2x Gleniffer (1949), revisie in Haarlem |
| Aanpassing | Geschikt maken voor HVO-biodiesel |
| Financiering | Ruim €500.000 aan giften |
De combinatie van behoud van historisch erfgoed en het streven naar verduurzaming maakt dit project opvallend: het laat zien dat ook klassieke schepen technische aanpassingen kunnen ondergaan om aan moderne milieunormen te voldoen, zonder hun originele karakter volledig te verliezen. Voor Haarlem betekent de revisie werk en expertise op lokaal niveau: de motoren worden in de stad bewerkt en daarmee komt gespecialiseerde maritieme techniek naar de regio.
De komende maanden zullen volgen hoe de revisie vordert en of de geschatte CO2-besparing daadwerkelijk gerealiseerd kan worden. Voor nu is duidelijk dat de Insulinde met steun van donateurs en samenwerking met Scheepswerf SBG een nieuwe fase ingaat richting haar honderdjarig bestaan.